De naam is misschien misleidend, want er zitten geen gouden bekers, noch diamanten of scepters in de schatkist van Vlieg. Toch kan het project een ware schat zijn voor jouw werking, maar dan op zoveel andere manieren. Elien Vanlaer, projectmanager bij Vlieg, legt uit.

Wat maakt dat de Schatten van Vlieg precies zo zinvol zijn?

Elien: “Families brengen nooit meer tijd met elkaar door dan in de zomermaanden en ze kiezen om verschillende redenen - hun portemonnee of het milieu - steeds vaker voor een gezellige staycation. Jammer genoeg wordt er in die periode voor hun net het minst georganiseerd. Daarom slaan we met Vlieg de handen in elkaar met gemeenten en cultuurhuizen, om ervoor te zorgen dat er ook in de zomer toffe en waardevolle activiteiten bij hun in de buurt te vinden zijn.”

Via de Schatten van Vlieg kan men dus investeren in gezinnen?

Elien: “Jazeker. De helft van alle bevraagde centra krijgt namelijk meer families op bezoek dankzij hun zoektocht. En maar liefst 55% van de huizen geeft aan dat het gaat om mensen die voor de eerste keer komen. Maar door als gemeente een zoektocht te organiseren, kan je daarbovenop ook samenwerking stimuleren. Dit jaar werken we rond het thema geur, dus waarom niet bijvoorbeeld de lokale bakkerij en parfumerie samenbrengen in een zoektocht door de hele gemeente? Het leuke is dat er op die manier zelfs vaak blijvende partnerships ontstaan; dat zagen we al vaker.” Nieuw dit jaar is onze Vlieggame: een schattentocht die je kan aanmaken in een app. 

Maar liefst 40.000 gezinnen gaan elk jaar op schattentocht. Waarom denk je dat het concept zo goed werkt?

Elien: “Ik denk dat het veel te maken heeft met het feit dat het een laagdrempelige manier van spelen is die de verbeelding prikkelt. Kinderen kunnen zelf op zoek gaan en hun deel van de schat mee naar huis nemen. Je hebt dus niet alleen de ervaring in se, maar ook iets tastbaars waarmee je kind zich daarna nog kan amuseren. Plus, mensen leren hun gemeente meteen op een heel andere manier kennen.”

Hoezo?

Elien: Door één zintuig bij je perceptie centraal te stellen, kunnen we onze blik - zowel van kinderen als van volwassen - vertragen. Daardoor staan we heel bewust stil bij wat we beleven. Ruiken is bijvoorbeeld een heel andere manier van ervaren dan wanneer je iets ziet of hoort, en elke plek heeft daarin wel iets eigen. De geuren in de ene gemeente zijn totaal anders dan degene die je tegenkomt in een andere. Ook achter de schermen is het dus heel fijn om naar een manier te zoeken om dat allemaal in de verf te zetten. Of om er gewoon bij stil te staan. Dat doen volwassenen veel te weinig. Kinderen zijn daar zo’n dankbaar publiek voor. Bovendien: wie is er nu niet gek van een geurschat (lacht)?”